Levensbeschouwing

Groep

Vak

Type

Vul de kommagetallen aan tm 100 (1 decimaal achter de komma) [2]
In deze video wordt, aan de hand van een voorbeeldsom, uitgelegd hoe je kommagetallen aanvult tot en met het getal 100. Het gaat hierbij om kommagetallen met 1 decimaal achter de komma. In de voorbeeldsom staan een aantal kommagetallen. Dat zijn de getallen die moeten worden aangevuld tot 100. Haal het kommagetal dat al bekend is van 100 af. Het antwoord uit die som, is het getal waarmee je het kommagetal moet aanvullen.
Vul de kommagetallen aan tm 10 (2 decimalen achter de komma) [1]
In deze video leer je hoe je een kommagetal met twee decimalen achter de komma aanvult tot en met het getal 10. Dat wordt met behulp van een voorbeeldsom uitgelegd. In die som staat een schema waarvan er al een aantal getallen bekend zijn. Die getallen moet je een voor een aanvullen tot 10. Het kommagetal dat al bekend is, haal je van het getal 10 af. Dan weet je met welk getal je het kommagetal moet aanvullen.
Vul de kommagetallen aan tm 10 (3 decimalen achter de komma) [1]
In deze video leer je hoe je een kommagetal met drie decimalen achter de komma aanvult tot en met het getal 10. Dat wordt met behulp van uitgelegd. In die som staan een aantal getallen die elk moeten worden aangevuld tot 10. Je telt eerst de duizendsten erbij op, dan de honderdsten, dan de tienden en tot slot de eenheden. Dan weet je hoeveel je erbij moet doen om 10 te krijgen.
Vul de kommagetallen aan tm 10 (3 decimalen achter de komma) [3]
Aan de hand van een voorbeeldopgave, leer je in deze video hoe je een kommagetal aanvult tot en met het getal 10. Het kommagetal heeft drie decimalen achter de komma. In de voorbeeldopgave staat een schema waar al een aantal kommagetallen in staan. Jij moet deze kommagetallen aanvullen tot en met 10. Dat doe je door het kommagetal dat al bekend is, van 10 af te halen. Dan weet je met welk getal je het kommagetal moet aanvullen.
Vul de kommagetallen aan tm 10 (3 decimalen achter de komma) [2]
In deze video wordt uitgelegd hoe je een kommagetal met 3 decimalen achter de komma aanvult tot en met het getal 10. Dat aan de hand van een voorbeeldopgave uitgelegd. In deze opgave staat een schema. In het schema staan en aantal getallen. Die getallen moeten worden aangevuld tot 10. Het kommagetal dat er al staat, haal je van het getal 10 af. Het antwoord uit die som, is het getal waarmee je het kommagetal aanvult.
Vul de kommagetallen aan tm 10 (1 decimaal achter de komma) [2]
In deze video wordt uitgelegd hoe je een kommagetal aanvult tot en met 10. Dat wordt aan de hand van een voorbeeldsom uitgelegd. In die som staan al een aantal getallen. Die moeten elk worden aangevuld tot 10. Het kommagetal dat al bekend is, haal je van het getal 10 af. Als je dat hebt gedaan, weet je met welk getal je het kommagetal moet aanvullen.
Vul de kommagetallen aan tm 10 (1 decimaal achter de komma) [1]
In deze video wordt uitgelegd hoe je een kommagetal aanvult tot en met 10. In de voorbeeldsom staan al wat kommagetallen in een schema. Die getallen moeten worden aangevuld tot 10. Haal het kommagetal dat al bekend is van 10 af. Dan weet je namelijk met welk getal je het kommagetal moet aanvullen.
Vul de kommagetallen aan tm 1 (2 decimalen achter de komma) [3]
In deze video wordt uitgelegd hoe je een kommagetal aanvult tot en met 1. Het kommagetal bestaat uit twee decimalen achter de komma. Dit wordt uitgelegd met behulp van een voorbeeldsom. In de voorbeeldsom staat een schema waar al een aantal kommagetallen in staan. Je moet elk kommagetal aanvullen tot 1. Het kommagetal dat al bekend is, haal je van het getal 1 af. Je weet dan met welk getal je het kommagetal moet aanvullen.
Vul de kommagetallen aan tm 1 (1 decimaal achter de komma) [2]
In deze video wordt uitgelegd hoe je een kommagetal aanvult tot en met het getal 1. Dat wordt met behulp van een voorbeeldsom uitgelegd. In die som zie je een schema staan. In het schema staan al een aantal getallen. Die getallen moeten elk worden aangevuld tot 1. Het kommagetal dat al bekend is, haal je van het getal 1 af. Het antwoord uit die som is het getal waarmee je het kommagetal moet aanvullen.
Vul de kommagetallen aan tm 1 (2 decimalen achter de komma) [2]
In deze video leer je hoe je een kommagetal kunt aanvullen tot en met het getal 1. Het kommagetal bestaat uit twee decimalen achter de komma. Dit wordt uitgelegd met behulp van een voorbeeldsom. In de voorbeeldsom staat een schema waar al een aantal kommagetallen in staan. Je moet elk kommagetal aanvullen tot 1. Dat doe je door het kommagetal dat al bekend is, van 1 af te halen. Als je dat hebt gedaan, weet je met welk getal je het kommagetal moet aanvullen.